Omdat ik verder toch geen ene reet te doen heb ga ik maar wat vaker uit. Ergens voelt dat beetje gekkig, want, zoals gezegd, ik ben al 107. Als ik vroeger, toen ik zelf nog een kleintje was, tijdens het uitgaan iemand zag van mijn huidige leeftijd, vond ik die persoon altijd een beetje….sneu. Pathetisch. Zielig. Wanhopig. Vergane glorie.
Nou mooi. Volgens de 18-jarige Martine Maatstaven (maar wie luistert daar nou naar, ik bedoel, ze bestáát niet eens meer) ben ik nu vergane glorie. Ik kan u vertellen, beste kijkbuislezertjes, daar voel je helemaal niets van. Vooral niet met plus twee wijntjes.
Omdat vergane glorie het code woord voor het afgelopen weekend was, gingen vriend H. en ik naar de Luxor.
De Luxor is ontstaan vanuit vergane glorie, ooit was dat gaaf, toen was het weg, nu weer terug, maar gaaf wil het maar niet worden. Trouwens, ook niet vet/lauw/chill/dik, of wat het hedendaagse woord voor verganeglorie-woord ‘gaaf’ ook mag zijn.
En wie waren daar? Dj Marcello en dj Steve Cop. Ook vergane glorie
OK STOP.
Ik wilde schrijven over hoe zielig het is als je ooit ooit voor duizenden mensen hebt gedraaid, en dat je nu in de Luxor staat te draaien in je te strakke t-shirtje voor 7 mensen, die de houdbaarheidsdatum (ja, ik ook, 107 je weet wel) allang gepasseerd zijn en nog in de waan leven dat het heus 1992 is.
Maar toen sloeg ik de krant open en las ik een artikel: Waldemar Torenstra (barf) gaat een nieuw programma gaat presenteren.
Hoe het heet? Ze is van mij.
Oud liedje van Doe Maar (ook al VG). Hartstikke lachen man! Komen allemaal oude mannen (Dick Jol, Rob de Nijs, dokter Schoemacher) en de usual suspects (Filemon Wesseling, Tygo Gernandt) praten over vrouwen. Nou. Wat revolutionair! Gaan ze foto’s kijken van tieten. Mogen ze daar iets op zeggen. Wat dan natuurlijk enorm interessant is.
Goh. Entertainment hoor. En als dan het diepgaande en baanbrekende gesprek klaar is, krijgen de gasten een knuffelkutje. Een knuffelkutje van fluweel met een spreuk erin. De spreuk gaat vrouwen. Om de harde en zachte kant van het programma te benadrukken. Hartstikke geestig man!
Een knuffelkut. Nou echt, degene die dat bedacht heeft (Maxim Hartman, ooit erg grappig in Rembo en Rembo) is geniaal.
Nee, zegt Waldemar in de Volkskrant, hij begrijpt de kritiek niet, het programma zou vrouwonvriendelijk en sekstistisch zijn, hij zou eigenhandig de emancipatie kapot maken.
Inderdaad, een fluwelen knuffelkut met een spreuk erin is inderdaad hét teken dat de emancipatie in Nederland voltooid is. Ik zal wel te oud zijn om dat te begrijpen.
P.s. Wat ik tegen Waldemar heb? Weet niet. Gevoel. Ik kijk naar ‘m en denk “he gatverdamme ik kotste net even in mijn mond”. Niets aan te doen. Dat kan, dat gebeurt. Doei.
Hardop gelachen tijdens het lezen.
Waldemar geeft kotsreacties omdat (oa) zijn middlename Govinda is.
Kijk, daar kan ik iets mee.
Eerst even naar Wikipedia, inderdaad, kerel heeft Govinda als doopnaam.
Mooi.
Dan kan ik vanaf nu lachen ipv kotsen.
En ik mag dat, lachen, want ik heet Kortekaas van mn achternaam. Dat is ook dieptriest.
Ik was een keer stappen in Amsterdam en toen zei een gay knulletje tegen mij dat ik te oud was en te sletterig en heel sneu. Eerste reactie: verbazing, tweede reactie: onverschillig naar hem lachen. Liever wazig en sloerig genieten van de nacht en blikken van vreemden, dan thuis op de bank. Ja toch niet dan nou dan. Dan maar vergane glorie. We luisteren gewoon naar Portishead “Glory Box” en dan is vergaan juist weer cool.
Meen je dat nou? Van dat gay knulletje zijn zeker alleen de schoentjes teruggevonden?
Ah Saar! Me likey! Als we straks 40-plus zijn, dan nog steeds sloerig (mooi nieuw woord!) genieten samen? Ik stem voor!